![]() |
Reacties op megastallen
Het artikel over de dreigende megastallen in Valthermond heeft kennelijk nogal wat los gemaakt bij de dorpelingen. Onderstaande ingezonden brieven geven dat weer; zowel de voors als de tegens komen aan de orde. Ook zijn twee reacties van de Stichting Dorpsbelangen opgenomen. Publicatie van ingezonden brieven is overigens buiten verantwoordelijkheid van de redactie.
november 2008
Actiegroep tegen megastallen in Valthermond
Zondag 28 september kwam ik in gesprek met mijn buurman. Hij zei: ‘Heb je het al gehoord? Ze zijn van plan om hier tegenover ons een grote melkveehouderij neer te zetten.’
Ik zei: ‘Je maakt zeker een grapje!’
‘Nee hoor,’ zei hij, ‘dat is wat ik heb gehoord.’
Op 30 september kregen wij (een aantal omwonenden) een brief in de bus van een zekere familie Olink uit Boekelo. In de brief werd ons medegedeeld dat zij van plan zijn om een melkveebedrijf op te richten aan het Noorderdiep in Valthermond, tussen de huisnummers 514 en 536. Verder werd er in de brief vermeld dat de gemeente Borger-Odoorn en de provincie Drenthe positief staan tegenover inplaatsing van agrarische bedrijven en dat ze in vooroverleg hun medewerking hadden toegezegd. Vervolgens werden we uitgenodigd om op 2 oktober om 20.00 uur in buurthuis ‘De Wijkplaats’ kennis te komen maken.
Stomverbaasd waren we! Onze eerste reactie was: wie haalt het nu in zijn hoofd om in of nabij de bestaande lintbebouwing van Valthermond een megastal op te richten? Dezelfde dag lag ook de Week in Week uit op de mat, waar de ontvangen bouwaanvraag al in werd vermeld.
Samen met vele buurtgenoten (ongeveer veertig belangstellenden) hebben we de informatieavond bezocht. We mogen rustig stellen, dat 98 procent van de buurtgenoten totaal overrompeld was door het nieuws dat ons werd medegedeeld. Wel werd heel snel duidelijk wat de omvang van dit bedrijf zou zijn: in afwachting van de goedkeuring van de bouwplannen is 50 hectare grond aangekocht, met wellicht een optie op 10 of 20 hectare meer. De melkveehouderij start met 200 melkkoeien en 140 stuks jongvee. Er zullen schuren gebouwd gaan worden, waardoor minstens vijftien huishoudens hun geliefde vrije uitzicht kwijt zijn. En natuurlijk al het andere leed: stankoverlast, onveilige situaties door toename vrachtverkeer, stuk rijden van wegen, geluidsoverlast, waardedaling woningen, volksgezondheid en welzijn, enzovoort. Een aantal buurtbewoners heeft dan ook boos en vol onbegrip de bijeenkomst verlaten.
Terecht vraag je jezelf, als buurtbewoner, dan ook af: zijn we bewust zo laat geïnformeerd en welke rol speelt de gemeente Borger-Odoorn hierin? Nu we een paar weken verder zijn en je de gelegenheid krijgt om wat informatie in te winnen, blijkt , dat er eind 2003 al een pilot ‘Inplaatsing melkveehouderijen in de Veenkoloniën’ van start is gegaan. Met trots wordt door de gemeente Borger-Odoorn op 27 maart 2008 een uniek pilotproject over de realisatie van een innovatieve samenwerking tussen vier agrarische bedrijven in Nieuw-Buinen gepresenteerd, die bestaande (agrarische) ondernemers en inplaatsers een nieuw bedrijfseconomisch perspectief kan bieden.
Ik citeer een stukje uit de site van ‘Agenda voor de Veenkoloniën’: ‘Door agrarische bedrijven uit de lintbebouwing te halen en te verplaatsen naar het buitengebied wordt de veiligheid en de leefbaarheid van het woonmilieu binnen de lintbebouwing verbeterd. Daarnaast biedt verplaatsing van agrarische bedrijven naar het buitengebied de mogelijkheid om uit te breiden, waar dit vanwege milieuhygiënische overwegingen en ruimtelijke beperkingen binnen een woonomgeving in de bestaande situatie niet mogelijk was.’
Als je dit nu leest, begin je jezelf toch echt af te vragen wat het verschil is tussen de lintbebouwing in Nieuw-Buinen en de lintbebouwing in Valthermond. U kunt zich vast en zeker voorstellen dat er niemand in onze buurt zit te wachten op de komst van zo’n megastal, die naar alle waarschijnlijkheid binnen een paar jaar verder gaat uitbreiden.
U zou misschien kunnen denken: ja, dat is erg vervelend voor de mensen die daar in de buurt wonen, maar het treft mij niet .Wij zijn er echter helemaal niet zeker van of het u niet treft. Uit een berekening van de commissie Koopmans (Herstructurering Melkveehouderij) blijkt, dat er voor de Veenkoloniën tot 2015 vijftig verplaatsingen zijn gepland. De kans dat een volgend megaveebedrijf bij u in de voor- of achtertuin wordt geplaatst, is dan ook zeker aanwezig.
Als U net als wij geen megastallen in of nabij de lintbebouwing van Valthermond wenst, dan is het zaak oren en ogen goed open te houden en uw mening kenbaar te maken aan de gemeente Borger-Odoorn. Valthermonders, alvast bedankt voor jullie steun.
Namens de Actiegroep: Gerbrand Kort en Marianne Kruizinga .
Weerstand is logisch
Begin oktober werden de bewoners in de omgeving van de 12e Laan ineens opgeschrikt door een mededeling dat de familie Olink uit Boekelo hun bedrijf moest verplaatsen in verband met de ophanden zijnde natuurontwikkeling in de omgeving van hun huidige bedrijf. Na overleg met de provincie en de gemeente Borger-Odoorn hebben zij grond gekocht in de omgeving van de 12e Laan en willen zij daar nu een veebedrijf vestigen, met vooreerst 200 koeien en 140 stuks jongvee.
Daartoe hebben ze 50 hectare grond aangekocht, met een mogelijkheid van uitbreiding met nog eens circa 20 hectare. Logisch dat dit enige weerstand oproept bij de bewoners in deze omgeving. En denkt u nu niet: o, dat is voor mij een ver-van-mijn-bed-show, want in de plannen van de provincie en de herinrichting van de veenkoloniën wordt gesproken van de vestiging van een vijftigtal van dergelijke bedrijven in de veenkoloniën, tussen nu en 2015. Daarbij ligt het voor de hand dat hiervan ook een aantal in Valthermond zal neerstrijken. Ook uw belangen kunnen daarom de volgende zijn die op het offerblok komen te liggen.
Ondertussen hebben wij een gesprek gehad met de woordvoerders van de buurtbewoners, mevrouw Kruizinga en de heer Kort. Duidelijk werd dat de omgeving binnen bepaalde grenzen, mits dit in goed overleg gaat met de omwonenden, geen bezwaren heeft voor wat betreft de bouw van voor bewoning bestemde gebouwen. Wel echter heeft men grote bezwaren tegen de bouw van bedrijfsgebouwen die hun aan- en afvoer krijgen via het Noorderdiep.
Immers: als we ervan uitgaan dat per koe per dag ongeveer 8 kilo voer over de weg moet worden aangevoerd, betekent dit dat er per dag ongeveer 2 ton voedsel moet worden aangevoerd. Daarbij gaan we ervan uit dat de aanvoer van gras (circa 60 kilo per dag per koe) en dergelijke via eigen middelen van het land gebeurt Als dit bijvoorbeeld ’s winters niet zo is, wordt het probleem nog groter. Wanneer we aannemen dat de mestproductie in de buurt ligt van de 45 kilo per koe (en 23 kilo per stuks jongvee), betekent dat een hoeveelheid van ongeveer 12 ton per dag. Dit zal regelmatig moeten worden afgevoerd en dan is het wel duidelijk dat deze transporten een aanzienlijke belasting voor de woonomgeving gaan betekenen, nog afgezien van andere transporten die regelmatig zullen gaan plaatsvinden. Bedenkt u daarbij ook dat dit deel van het Noorderdiep juist is afgesloten voor doorgaand verkeer om de hoeveelheid verkeer beduidend te beperken, dan zal u duidelijk zijn dat de omwonenden de oplossing met de bedrijfstoegang via het Noorderdiep met klem afwijzen.
Een ander probleem, waar je natuurlijk liever niet aan denkt, maar dat in het recente verleden helaas nogal eens is voorgekomen, doet zich voor wanneer een dergelijk bedrijf onverhoopt moet worden geruimd. Het zal u duidelijk zijn dat dit naast een minder vrolijk aanzien ook de nodige transport- en andere problemen zal gaan veroorzaken. Voor verdere details verwijs ik u graag naar het door de initiatiefnemers ingebrachte artikel in deze Kiek.
Om het bewonersinitiatief te ondersteunen in hun naar onze smaak terechte bezwaren heeft Dorpsbelangen hen voorlopig in elk geval een – zij het geringe – geldelijke steun bij hun activiteiten toegezegd. Het zal u duidelijk zijn dat het hier om geld gaat dat via de jaarlijkse bijdrage bij Dorpsbelangen door u wordt gestort. Als u dan ook inziet dat dergelijke initiatieven moeten worden gesteund en u behoort nog niet tot diegenen die ons steunen, is dit misschien de tijd om uw standpunt te heroverwegen.
Stichting Dorpsbelangen
december 2008
Koemunicatie
Word je door dit college bestuurd of aangereden? Soms denk ik wel eens: net in de chicane in de achterflank geraakt. Ik heb het artikel over de megastallen in Valthermond gelezen en kan het simpel gezegd alleen maar eens zijn met de schrijvers ervan. Het komt mij niet zo vreemd voor, bestuurders met dubbele agenda’s, besturen op ad-hocbasis en met de overrompelingstechniek. Ze denken waarschijnlijk: daar in dat veenkoloniale dorp liggen ze toch niet dwars. Ze kennen de kreet communicatie absoluut niet en het is nu koemunicatie geworden.
Het is van belang dat megastallen niet in ons landelijk gebied worden geplaatst. De maatvoering en vormgeving van de stallen hebben niet alleen effect op het historische landschap, maar veroorzaken grote mobiliteitsproblemen, met alle gevaren voor de inwoners van ons dorp van dien. Ons dorp is geen passende locatie voor dit soort industrie. Die moet worden gesitueerd – beter ‘landschappelijk worden ingepast’, zoals de politiek dat noemt – aan grote doorgaande wegen, zoals de N34 of A37, en niet in een dorp waar je nu al moet oppassen niet doodgereden te worden door de mestvrachtwagens (of andere grote weggebruikers) die op de door de onze ‘bestuurders’ zo verantwoord aangelegde verkeersremmers in het Zuiderdiep toch gewoon rechtdoor rijden en je de zijkant uit de auto rijden. (Wie dit overigens bedacht heeft en toestemming heeft verleend om het uit te voeren, verdient wel de prijs van absolute domheid.) Die betere landschappelijke locaties moeten worden gevonden met dus – zoals in ieder rapport wat hierover door de geleerden is gemaakt – een goede infrastructurele ontsluiting, mogelijkheden voor innovatie, ketenintegratie en verdergaande samenwerking tussen bedrijven. Nou zie ik dat niet als mogelijkheid aan het Noorderdiep in Valthermond.
Ik las overigens op het internet, dat er een poos geleden een hele hype in ons landje is ontstaan: over het zogenoemde koeknuffelen. Gecertificeerde koeknuffelboeren ontvangen groepen knuffelaars, en niet zonder succes. Omdat de communicatie in bedrijven (ook bij overheden, hoor!) nog wel eens te wensen overlaat, doen zij hier hun voordeel mee. Want door het koeknuffelen wordt er een appèl gedaan op onze intuïtie, de rechter hersenhelft, en de kunst van de nonverbale communicatie. Tja, communicatie voor een goede samenwerking is inderdaad van essentieel belang. Misschien willen onze bestuurders daarom deze megastallen wel in onze gemeente en gaan we koeien knuffelen; op zichzelf niets mis mee, want de koe vindt dat prettig! Maar of die koe dat ook wil met de bestuurder?
Ik hoop dat we zo positief kunnen blijven schrijven als Mirella Satoor de Rootas dat doet en dat niet alleen zij haar weidse uitzicht over de velden en bossen behoudt. Dus, actiegroep: probeer met de bestuurders van deze schitterende gemeente in contact te komen en te blijven om deze overlast in de breedste zin van het woord tegen te gaan. En ons te behoeden voor nog meer domme besluiten. Misschien is het wel handig als jullie kenbaar maken waar sympathisanten van deze actiegroep tegen de megastallen zich kunnen melden.
Henk Zanting
Nuchter en realistisch
Wanneer ik me door de veenkoloniale dorpen van de voormalige gemeente Odoorn verplaats – veelal per fiets – geniet ik elke keer weer van de weidsheid en schoonheid van deze lintdorpen. De oude, soms prachtige boerderijen zijn merendeels aan het agrarische bedrijf onttrokken. Ze pasten perfect bij de landbouw zoals die tot zo’n veertig, vijftig jaar geleden werd uitgeoefend, maar zijn voor de huidige bedrijfsvoering in het geheel niet geschikt. De enkele nieuwere bedrijfspanden, waarbij woning en bedrijfsgebouwen vrij van elkaar zijn gerealiseerd, stralen toch zeker een beeld van de nieuwe dynamiek van de landbouw uit. Eveneens is er zo de laatste jaren een aantal grote veebedrijven gerealiseerd, onder meer aan de Zuiderblokken in onze woonplaats en in 1e en 2e Exloërmond. De eerste indruk die de betreffende bedrijven maken, is dat zij in hun gebied geheel niet misstaan, sterker nog: ze waarderen de gehele omgeving juist op. Ik heb nog nooit de een of andere onaangename geur rond die veehouderijen waargenomen. Het is werkelijk een genot om te zien hoe goed zo’n veeboer zijn zaken voor elkaar heeft.
Wanneer we dan de situatie tot ongeveer vijftig jaar geleden bezien: vrijwel elke boer had toen nog rundvee en meestal ook nog een aantal varkens. Het agrarisch bedrijf hier in de veenkoloniën was van oorsprong een gemengd bedrijf, waarbij de mest van het vee van essentiële waarde was. De ruige mest, in een flinke hoop achter de boerderij in de open lucht opgeslagen, was van groot belang voor een goede oogst en structuur in de bodem. En al róók de mest de eerste dagen nadat hij vers was gestort, vrijwel niemand had er moeite mee; het hoorde gewoon bij het boerenbedrijf.
Nu terug naar de moderne veehouderij, met stallen waarin tot een paar honderd koeien zijn gehuisvest. Die hebben voor wat betreft regelgeving te maken met – terecht – zeer strenge eisen. De Hinderwet en de milieuregels zijn heel stringent en worden nog dagelijks aangescherpt. Maar hoe zit het nu met de overlast van een dergelijk veebedrijf? Schrijver dezes heeft de stoute schoenen aangetrokken en in 2e Exloërmond een aantal buurtgenoten van zo’n op moderne leest geschoeide veehouderij gevraagd hoe zij een dergelijk bedrijf in hun woonomgeving ervaren.
Allereerst de stankoverlast, zo daar sprake van mocht zijn. De verkregen antwoorden hierop waren vrijwel eensluidend: men kon er heel goed mee leven (al had een aantal mensen vooraf toch wel bedenkingen gehad). Maar men kon ’s zomers gewoon buiten zitten en ook de was, in de zon gedroogd, ruikt nog steeds zoals die voorheen ook altijd rook.
Dan maar eens gevraagd naar al die verkeersoverlast die een dergelijk bedrijf meebrengt. Het was omdat het gevraagd werd, maar men had er amper weet van. En ook toen ik opmerkte dat hun huizen – alle ondervraagden waren woningbezitters – mogelijk in waarde zouden zijn gedaald door de komst van het grootschalige veebedrijf in hun buurt, kon men dat evenmin bevestigen. Wel merkte een van de ondervraagden op dat de prijzen van hun vastgoed nu wel daalden, maar dat had heel andere economische oorzaken en het gold ook voor iedereen.
Nee, achteraf gezien hoefde van deze mensen met betrekking tot de grootschalige veehouderij niets te veranderen. De komst ervan had hun buurt verlevendigd, men verlangde in het geheel niet terug naar de oude agrarische situatie. Toen ik vertelde dat er in Valthermond velen toch nogal bevreesd waren voor de geplande komst van een groot veebedrijf in hun woonomgeving was een van de reacties daarop: ‘Overal tegen ageren hoort bij de huidige maatschappelijke instelling van veel mensen. Als we nog even zo doorgaan kan er helemaal niets meer van de grond komen.’ Een ander haalde als antwoord een oud, maar bekend gezegde aan: ‘De mens lijdt dikwijls ’t meest door het lijden dat hij vreest.’ Waarschijnlijk was de man goed in gezegdes, want hier achteraan – hij stak daarbij zijn vinger op – volgde: ‘Angst is een slechte raadgever.’
De reden van deze ingezonden brief zal duidelijk zijn: door diverse publicaties, na de actie van een aantal mensen, onder meer in de dorpskrant, zou men kunnen denken dat vrijwel de gehele dorpsbevolking tegen een dergelijk veebedrijf is, terwijl – dat is mijn overtuiging – de overgrote meerderheid van onze dorpsbewoners er best mee kan leven en de mogelijke problemen hieromtrent vrijwel niet ziet. Zodoende leek een tegengeluid mij toch wel wenselijk. Tot zo ver nu mijn brief, waarbij ik hoop dat men de plannen voor vestiging van grootschalige veehouderijen nuchter en realistisch beziet en dat niet opgeklopte emoties de boventoon zullen voeren.
Jacob Westendorp
Agrarisch dorp
Naar aanleiding van een artikel over de dorpsbelangen in ons dorpsblad Kiek op de Mo(a)nd wil ik graag even reageren. Ik vind het beschamend dat er geld beschikbaar wordt gesteld om een actie te ondersteunen van mensen die tegen de nieuwbouw van een zogeheten megastal zijn! Men woont toch in een agrarisch dorp? En dit geld wordt nota bene door de stichting Dorpsbelangen beschikbaar gesteld! Het is toch van de zotte dat een instantie als Dorpsbelangen hiervoor geld beschikbaar stelt?
Ik denk dus dat de stichting Dorpsbelangen zich hierin al een mening heeft gevormd en volgens mij heeft een dergelijke instantie zich onpartijdig te houden in zulke zaken! Het bestuur moet zich in mijn ogen ook maar eens goed achter de oren krabben over waarmee ze bezig zijn. Het is toch ook in het dorpsbelang dat Valthermond een agrarisch dorp blijft?
En dat niemand er iets van wist? Volgens mij liggen deze plannen er al meerdere jaren. Dan moet ik toch twijfelen aan het bestuur; dat kan mij niet wijs maken dat ze er niets van wisten, dus ‘ver-van-mijn-bed-show’ vind ik een zeer ongepaste uitspraak!
Dat er weer werkgelegenheid ontstaat door zulke ondernemers is toch ook in het belang van Valthermond? Of willen we dat er later helemaal geen landbouw en veeteelt meer in ons dorp is? Laat de mensen die hier tegen zijn eerst maar eens goed over nadenken.
Mijn ondersteuning van en mening over de stichting Dorpsbelangen komt door zulke artikelen en acties een positieve ondersteuning niet ten goede. Dan geef ik mijn geld wel aan andere dingen uit!
R Schepers
Veebedrijf ter hoogte van de 12de Laan.
Zoals we al in ons vorige artikel schreven, heeft het bewonerscomité geen bezwaren tegen de komst van een veebedrijf als zodanig, en zeker niet tegen het daarbij behorende woonhuis, maar spitsen de bezwaren zich toe ten aanzien van met name de plaats van de bedrijfsgebouwen. Merkwaardig is daarbij dat de familie Olink zelf heeft aangegeven de voorkeur te geven aan een vestiging van deze bebouwing aan de Dreef, maar bij de gemeente daarover op weerstanden stuitte. Dit kan natuurlijk verband houden met de problemen die de gemeente heeft met de financiering van het onderhoud van de vele landbouwwegen die onze gemeente telt. Maar het doet natuurlijk wat vreemd aan dat op de website van de gemeente hele verhalen staan over 2/3 wegen, terwijl er daarnaast ook nog een plan is van Riek Bakker(à 1 miljoen), waarin de plaatsing van bedrijven langs bijvoorbeeld de Dreef wordt aanbevolen en dat nu ineens met een geheel andere tong gesproken wordt.
Overigens willen we hierbij nog duidelijk stellen dat we voor het handelen van de familie Olink als zodanig alleen maar waardering kunnen uitspreken. Zij zijn al in een vroeg stadium met de naaste omgeving in contact getreden en het is dan ook jammer als zij min of meer het slachtoffer dreigen te worden van zaken waaraan zij part nog deel hebben.
In deze willen we ook nog even ingaan op een reactie die we kregen van de landbouwvereniging ‘Eerste’. Allereerst zijn wij altijd blij met reacties (eens of niet eens) met ons handelen of standpunten. Helaas wekt deze reactie echter de indruk dat wij een soort Don Quijotes zijn die nu niet tegen windmolens, maar tegen de boerenbedrijven gaan vechten. Laten we duidelijk zijn: we weten dat we in een agrarische omgeving wonen en dat dit inhoudt dat agrariërs en niet-agrariërs samen moeten leven, rekening houdend met elkaars noden en behoeften. Daarbij zijn wij ons terdege bewust van het grote maatschappelijke en economische belang van de agrarische bedrijven in bredere zin.
Zonder het boerenbedrijf was onze woonomgeving, als ze er al was, in elk geval nog ‘woest en ledig’. Van de zijde van de agrarische bevolking moet bedacht worden – hetgeen gelukkig meestal natuurlijk gebeurt – dat veel dorpelingen niet meer zo sterk aan de agrarische bedrijven verbonden zijn, zoals vroeger het geval was. Mede daardoor zijn de behoeften van het deel van de bevolking dat niet betrokken is bij het boerenbedrijf nu eenmaal anders dan van diegenen die er wel hun boterham mee verdienen. De uit de beide benaderingen voortvloeiende standpunten houden in dat, wanneer wij bij deze zaken worden betrokken, wij onze ogen daar niet voor kunnen sluiten.
Wij zijn er overigens in dit geval van overtuigd dat het hier zeker een zaak betreft die redelijkerwijs best in overleg, en hopelijk zelfs samen, kan worden opgelost.
Stichting Dorpsbelangen